Fragment boek 2 Leesfragment Het Laatste Akkoord | Douwe Rijs deel 2

Leesfragment Het Laatste Akkoord

...
Erik keek naar de tas. Zijn broer Paul had Loenerwold jaren geleden verlaten met een beschuldiging die nooit echt was teruggenomen. Herman had Paul sindsdien een paar keer ontmoet, maar nooit langer dan nodig.
‘Dat is niet hetzelfde als voor iedereen die erdoor beschadigd is,’ zei Erik.
Uit de zaal klonk een korte reeks koperklanken. Iemand probeerde een inzet, brak af en begon opnieuw.
‘De generale wacht niet,’ zei Herman.
‘De waarheid ook niet meer.’
Erik vertrok voordat Herman daarop kon antwoorden.
Herman sloot de bestuurskamer af. De sleutel draaide stroef. Toen hij zich omkeerde, stond Ellen Meijer bij de deur van het verenigingsarchief. Haar smalle zwarte klarinetkoffer hing laag langs haar been. In haar andere hand hield ze de sleutelbos van het bestuur.
‘Je hebt Richard laten vertrekken alsof hij een tegenstander was,’ zei ze.
‘Hij bepaalde zelf hoe hij vertrok.’
‘En Marieke?’
‘Die heeft gezegd wat ze moest zeggen.’
Ellen keek naar de gesloten deur. ‘Kunnen we dit bespreken waar niet iedereen halve zinnen verzamelt?’
Herman opende de kamer opnieuw.
Binnen zette Ellen haar koffer tegen de wand. De sleutelbos tikte op tafel. Aan het korte gerinkel herkende Herman de bestuurssleutels. Jaren vergaderen maakten zelfs metaal vertrouwd.
‘Niet vanavond,’ zei ze.
‘Juist op de jubileumavond kan niemand doen alsof dit alleen een intern probleem is.’
‘Je bindt twee zaken aan elkaar die bijna dertig jaar uit elkaar liggen.’
‘Omdat de werkwijze dezelfde is.’
‘Dat vind jij.’
‘Eerst de gewenste uitkomst. Daarna de stukken die erbij passen.’
Ellen hield haar handen aan de tafelrand. ‘Mijn vader heeft de harmonie door een crisis geholpen.’
‘Je vader heeft Paul laten betalen voor een verhaal dat het bestuur beter uitkwam.’
‘Je was erbij.’
Het woord bleef tussen hen liggen. Niet als verontschuldiging. Als erkenning dat hij de oude verklaring mede had gemaakt en haar daarna had laten staan.
‘En Laura?’ vroeg Ellen.
‘Ik vertel niet wat zij zich niet herinnert.’
‘Je noemt haar naam.’
‘Alleen waar dat nodig is om te zeggen wat wij hebben gedaan.’
‘Wij,’ zei Ellen zacht. ‘Je bedoelt mijn vader en jij.’
‘En iedereen die het daarna heeft laten bestaan.’
‘Daarmee maak je haar opnieuw tot onderwerp. Paul ook. En je sleept het cultuurcentrum mee in iets wat nog niet volledig is onderzocht.’
Ellen kende zijn plan. Ze kende ook de belofte waarmee hij haar jarenlang had verzekerd dat hij haar familie niet opnieuw door de vereniging zou laten beoordelen. Buiten deze kamer was hun vertrouwdheid altijd bestuur geweest. Agenda’s, ritten, stukken, avonden die langer duurden dan de vergadering. Binnen hun eigen herinnering had zij een andere naam.
‘De notulen zijn opgerekt,’ zei Herman. ‘Voorschotten en voorbereidend werk staan erin alsof er breder is besloten dan werkelijk is gebeurd. Als ik over 1998 spreek en dit verzwijg, doe ik hetzelfde opnieuw.’
‘Het bestuur heeft de tekst vastgesteld.’
‘Dat ontslaat niemand van de manier waarop die tekst tot stand kwam.’
Ellen nam de sleutelbos op. ‘Mensen hebben hun toekomst aan dat gebouw verbonden. Vrijwilligers werken hier al maanden naartoe. Je kunt niet alles openbreken omdat je geweten nu haast heeft.’
‘Mijn geweten heeft vooral te lang gewacht.’
‘En daarom moet iedereen jouw tempo volgen.’
‘Ik vertel wat ik heb gedaan.’
‘Je vertelt ook wat anderen volgens jou hebben gedaan.’
‘Alleen wat de stukken dragen.’
‘Stukken staan nooit op zichzelf. Dat weet jij beter dan wie ook.’
In de zaal gaf Samuel twee korte tikken met zijn baton. Het geroezemoes zakte weg. Ellen keek naar de deur.
‘Stel het uit,’ zei ze. ‘Niet voor mij. Voor Laura. Voor de harmonie. Tot na het besluit over het cultuurcentrum.’
‘Dan wordt uitstel opnieuw de oplossing.’
‘Soms is uitstel het verschil tussen herstellen en vernielen.’
Herman pakte zijn tas. ‘Dat hebben we in 1998 ook gezegd.’
Ellen stond stil. Alleen de sleutelbos bewoog in haar hand. Daarna nam ze haar klarinetkoffer op.
‘De generale begint.’
In de repetitiezaal zat iedereen op zijn plaats. De houtblazers namen zacht een passage door. Bij het koper werden partijen rechtgelegd en instrumenten op de knie gezet. Mark Koster, Hermans neef, zat bij de eerste trompetten met de genummerde map open voor zich. Hij bladerde sneller dan nodig en keek niet op toen Herman langsliep.
Mark had als kind bij Herman aan tafel gezeten, zijn eerste goede trompet van hem gekregen en later geleerd dat hulp van Herman vaak een besluit bevatte. Die avond had Herman Samuel gevraagd de solo aan iemand anders te geven. Hij had zichzelf verteld dat het om zekerheid ging.
Samuel de Bruin wachtte op de bok. Zijn baton lag horizontaal op de lessenaar.
‘Kunnen we?’ vroeg Herman.
Samuel liet zijn blik door de zaal gaan. ‘Als niemand het programma nog wil wijzigen.’
Een paar musici glimlachten zonder geluid. Herman ging zitten op de stoel die hij eerder had rechtgezet.
‘De Suite Olto 1913 blijft binnen de afgesproken lengte,’ zei hij.
‘De afgesproken lengte volgens het bestuur.’

...

Information icon

We hebben je toestemming nodig om de vertalingen te laden

Om de inhoud van de website te vertalen gebruiken we een externe dienstverlener, die mogelijk gegevens over je activiteiten verzamelt. Lees het privacybeleid van de dienst en accepteer dit, om de vertalingen te bekijken.